Impactanalyse westers textielafval vraagt om transparante ketendata
De textielrecyclingsector mist betrouwbare data over exportstromen van gebruikt textiel naar Afrika en de milieuschade die daaruit voortvloeit. Zonder gedegen bronmateriaal blijft de daadwerkelijke impact van Westerse textieloverproductie op Afrikaanse landen onduidelijk.
Als sector staan we voor een fundamenteel probleem: we weten te weinig over waar ons textielafval naartoe gaat en wat er vervolgens mee gebeurt. De discussie over vervuiling in Afrika door Westers textiel blijft hangen in aannames, terwijl we dringend behoefte hebben aan harde cijfers over exportvolumes, sorteerresultaten en eindverwerking.
Dit gebrek aan transparantie raakt direct aan de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (EPR) die er voor textiel aankomt. Vanaf 2025 moeten EU-lidstaten gescheiden textielinzameling organiseren. Zonder inzicht in de volledige keten – van sortering tot eindverwerking in ontvangende landen – blijven we sturen op output in plaats van daadwerkelijke circulariteit.
Voor textielrecyclingbedrijven betekent dit: investeren in traceerbaarheid wordt geen nice-to-have, maar een must. Wie straks aantoont dat gesorteerde textielstromen naar vezel-tot-vezelrecycling gaan in plaats van naar Afrikaanse stortplaatsen, heeft een concurrentievoordeel.
De e-wastesector laat zien dat registratie en rapportage werken – textiel moet die stap nu ook zetten. Ketensamenwerking tussen sorteerbedrijven, exporteurs en ontvangende partijen is daarbij cruciaal.
De komende EPR-regelgeving dwingt tot transparantie. Wie nu al investeert in gedegen ketendata en verantwoorde afzetkanalen, loopt straks voorop.



