Demofabriek moet gemengde sportkleding en lingerie omzetten in hoogwaardige grondstof
Syntetica, een Frans deeptech-bedrijf gespecialiseerd in chemische textielrecycling, heeft €26,1 miljoen opgehaald in een Series A-financieringsronde. Het geld gaat naar de bouw van de eerste commerciële demofabriek voor het recyclen van gemengde nylonstromen uit post-consumer textiel.
De installatie komt te staan in Clermont-Ferrand, bij het duurzame materialencentrum van Michelin. Belangrijke investeerders zijn Bpifrance (via het France 2030-programma), sportkledingmerk Lululemon, textielfabrikant MAS Holdings en de European Innovation Council.
Wat Syntetica onderscheidt: hun technologie kan nylon 6 én nylon 6,6 tegelijk depolymeriseren uit gemengde textielstromen – denk aan sportkleding met elastaan, lingerie en badkleding – zonder dat pre-sorting op polymeerniveau nodig is. Tot nu toe was dat een grote bottleneck in de keten.
De demofabriek moet enkele honderden tonnen textielafval per jaar verwerken en aantonen dat de output – gezuiverde nylonpellets – dezelfde kwaliteit heeft als virgin materiaal. Dat maakt hergebruik mogelijk in zowel kleding als automotive toepassingen.
Voor de Nederlandse textielrecyclingsector is dit relevant om twee redenen. Ten eerste: het creëert een nieuwe afzetmarkt voor nylonrijke sorteerfracties die nu vaak worden verbrand of laagwaardig verwerkt. Sorteerders kunnen inspelen door bijvoorbeeld sportswear en lingerie als aparte stroom te identificeren.
Ten tweede: tegen de achtergrond van het EU-verbod op vernietiging van onverkochte kleding en aanscherping van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV) in Nederland, laat dit zien dat merken en investeerders serieus werk maken van hoogwaardige recyclingsoplossingen voor moeilijk verwerkbare stromen.
Syntetica werkt al in pilots met merken als Victoria’s Secret en Etam. Na de demofase is het plan om wereldwijd faciliteiten te bouwen, nabij grote afvalbronnen en productieclusters. Meer details over het project zijn te vinden via The Ethos.
Hoewel de fabriek in Frankrijk staat, schept dit project precedent voor regionale uitrol. Nederlandse spelers kunnen anticiperen door nylonrijke stromen beter in kaart te brengen en samenwerkingen met chemische recyclers te verkennen.



